Babygebabbel #4: Naar het zwembad

Ik was jarig. Nog keurig netjes binnen de dertiger jaren gebleven. Als cadeau wilde ik babyzwemmen met mijn dochter. Dat liep uit de hand.

Altijd heb ik op z’n minst sceptisch gestaan tegenover mensen (ouders) die de vraag “Hoe was je vakantie?” beantwoordden met “De kinderen hebben het heerlijk gehad. Dus wij ook.” Ik zag het overal om me heen gebeuren. Gewone mensen betraden het rijk der ouders, en ineens werd hun eigen levensgeluk niet meer intrinsiek aangezwengeld, maar leek het enkel te bestaan bij de gratie van het geluk van hun kind. Duizenden voorbeelden zijn hiervan te noemen. Met het antwoord op de vraag van mijn vriendin wat ik wilde voor mijn verjaardag (te weten: “Ik wil babyzwemmen, want dat gaat mijn dochter echt te gek vinden”) ben ik vrees ik ook definitief overgestapt naar de andere zijde.

Maar fuck it. Want niks maakt een jarige vader zo extrinsiek gelukkig als zijn 4 maanden oude dochter in een totaal overbodig, maar superschattig badpakje op vrijdagochtend haar eerste voorzichtige baantjes zien trekken in een chloorarm en bloedheet babybassin. Natuurlijk, dit was een babyactiviteit, geen volwassen intervaltraining van 3 x 400 meter op tempo D2, net buiten de anaerobe zone. Dus er was een kring met ouders en baby’s, en er waren liedjes met dansjes in het water, en we moesten achter elkaar onder een regenboog van foam door loopzwemmen terwijl we uitgenodigd werden om een zwemversje op te dreunen.

Maar alles mocht, dus ook onttrekken aan de groepsactiviteit. We zochten een hoekje uit, en zagen dat onze dochter het helemaal te gek vond om rond te dobberen in deze reuzensurrogaatbaarmoeder. Zienderogen kwam ze na een reis van vier maanden weer thuis.

Ik pakte mijn waterdichte telefoon erbij. Dit moest natuurlijk vereeuwigd worden. Er zat ook een fotografe aan de waterkant die was ingehuurd om privékiekjes te maken van een deelnemende baby, dus we dachten dat het wel OK was om tegen alle moderne privacyregels in te gaan.

Na afloop was ik eerder klaar met omkleden dan mijn dochter en vriendin. Ik stond casual tegen een kleedhokje aangeleund door de zojuist gemaakte foto’s heen te scrollen, toen er een mevrouw op me afkwam.

“Wat bent u aan het doen?”
“Ik ben foto’s aan het bekijken. En u?“
“Ik kreeg net een melding dat er een man aan het filmen zou zijn in het kleedgedeelte.”
“Oh, echt? Ik sta hier al een tijdje maar heb niemand gezien. Waar precies?
“Uhm, nou die melding ging over u meneer.”
“Oh…”
(Dreun. Gevolgd door vijf seconde stilte, met 100 scenario’s die door mijn hoofd flitsen. Gevolgd door mentale herpaking.)
“Maar ik bekijk foto’s van mijn dochter die net heeft gezwommen. Kijk maar. Lief he?”
“U mag helemaal geen foto’s nemen tijdens het zwemmen.”
“Die mevrouw langs de kant deed dat ook.”
“Die had toestemming gevraagd aan de groep.”
“Maar niet aan mij.”
“U was zeker te laat.”
“Ja.”
“Laat me die foto’s eens zien dan?”

En de vrouw reikte naar mijn mobiel. Godskolere, het zweet brak me uit. Gelukkig kwamen mijn vriendin en dochter net de hoek om gelopen. En was het misverstand redelijk snel rechtgezet. Maar dit had ook heel anders af kunnen lopen. Want het is niet eenvoudig, om man te zijn in deze tijd. Net zo makkelijk word je aangezien voor een kleedkamerperverseling, of erger nog: een zwembadpedofiel, en zit je opgescheept met dit scenario:

“Laat me die foto’s eens zien dan?”
(rukt telefoon uit mijn hand)
“Is dat wel echt u dochter?”
“Ja, tuurlijk.”
“Maar ze lijkt helemaal niet op u. Voor geen meter.”
“Dat weet ik, maar daar kan ik toch niks aan doen?”
“Waar is uw zogenaamde dochter nu dan?”
“Bij mijn vriendin, om de hoek, bij het aankleedkussen.”
“Daar ben ik net geweest, daar was niemand.”
“Ja, maar….mevrouw. Het is echt míjn dochter. En ik ben geen viezerik. Echt niet.”
“Meneer, misschien beter als u met me meeloopt. Dan gaan we even iemand bellen.”

En voor je het weet word je tien minuten later onder het toeziend oog van tientallen zwembadmobieltjes geboeid afgevoerd in een geblindeerde politieauto met tralies tussen jou en de bestuurder, blijk je toch niet de vader van het kind te zijn, had je vriendin het “al die tijd al geweten”, heeft ze je het ouderlijk gezag ontnomen middels een gerechtelijk bevel, en zit je je halve leven te brommen achter slot en grendel. Lucia de B.-style.

En dan maar hopen dat er genoeg burgers zijn die het de moeite waard vinden om je dossier te heropenen.

Nee lekker, zo’n altruïstisch verjaardagscadeau. Volgend jaar kies ik gewoon weer voor mezelf. Vier karmelietjes, inclusief glas, een delletje speciaal en twee uur vrije tijd. Intrinsiek heeft een man niet meer nodig dan dat.

This entry was posted in Geen categorie. Bookmark the permalink.